Schriftlezingen van de zondag

ZESTIENDE ZONDAG DOOR HET JAAR 20 EN 21 JULI 2019

EERSTE LEZING Gen., 18, 1-10a

Uit het boek Genesis

In die dagen verscheen de Heer aan Abraham bij de eik van Mamre, terwijl hij op het heetst van de dag bij de ingang van zijn tent zat. Hij sloeg zijn ogen op en zag plotseling drie mannen voor zich staan. Meteen liep hij van de ingang van zijn tent naar hen toe. Hij boog diep voor hen en zei: “Wees zo welwillend, heer, uw dienaar niet voorbij te gaan. Ik zal water laten brengen; was uw voeten en rust hier onder de boom. Ik zal brood voor u halen om u te sterken voor uw verdere reis gij zijt niet voor niets bij uw dienaar langs gekomen.” Zij zeiden: “Heel graag.” Abraham ging haastig de tent in naar Sara en zei: “Neem gauw drie maten fijn meel, kneed het en bak er koeken van.’ Daarna liep Abraham naar de kudde, zocht een lekker mals kalf uit en gaf het aan zijn knecht om het snel klaar te maken. Toen bracht hij hun kaas en melk, en het kalf dat hij had laten toebereiden, en zette hun dat alles voor. Terwijl zij aten, bleef hij bij hen staan, onder de boom. Toen vroegen ze hem: “Waar is Sara, uw vrouw?” Abraham antwoordde: “Daar in de tent.” Toen zei de bezoeker: “Over een jaar kom ik weer bij u terug; dan zal Sara, uw vrouw een zoon hebben.”
Zo spreekt de Heer.

TWEEDE LEZING Kol., 1, 24-28

Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de chris¬tenen van Kolosse

Broeders en zusters, Ik verheug mij dat ik voor u mag lijden, en in mijn lijdend lichaam aanvullen wat nog ontbreekt aan de beproevingen van de Christus, ten bate van zijn lichaam dat de kerk is. Ik ben haar dienaar geworden krachtens de opdracht die God mij gegeven heeft; namelijk om u het woord Gods te brengen in heel zijn volheid: om het geheim te verkondigen dat verborgen was voor alle eeuwen en alle generaties, maar dat nu is geopenbaard aan zijn gelovigen. Hen heeft God bekend willen maken hoe machtig en hoe wonderbaar dit geheim is onder de heidenvolken. En dit geheim bestaat hierin: “Christus in u” en ook: “hoop op de eeuwige heerlijkheid”. Hem verkondigen wij dus wanneer wij allen, zonder onderscheid vermanen en onderrichten met alle wijsheid die ons gegeven is om ook allen, zonder onderscheid in Christus tot volmaaktheid te brengen.
Zo spreekt de Heer.

EVANGELIE Lc., 10, 38-42

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas

In die tijd kwam Jezus in een dorp, en een vrouw die Marta heette, ontving Hem in haar woning. Ze had een zuster, Maria die – gezeten aan de voeten van de Heer – luisterde naar zijn woorden. Marta werd in beslag genomen door de drukte van het bedienen, maar ze kwam er een ogenblik bij staan en zei: “Heer, laat het u onverschillig dat mijn zuster mij alleen laat bedienen? zeg haar dan dat ze mij moet helpen.” De Heer gaf haar ten antwoord: “Marta, Marta, wat maak je je bezorgd en druk over veel dingen “Slechts één ding is nodig. Maria heeft het beste deel gekozen en het zal haar niet ontnomen worden.” Zo spreekt de Heer.

VOORBEDE

Met Abraham en Sara, met Marta en Maria,
willen wij nu bidden tot God onze Vader:

Laten we bidden om gastvrijheid in onze kerk
voor jong en oud, meer of minder betrokken,
doeners en bidders;
dat we zusters en broeders zijn voor elkaar.
Laat ons bidden…

Laten we bidden om gastvrijheid in ons land,
voor hen die, opgejaagd en ontheemd,
hier toevlucht en toekomst zoeken:
dat we voor hen doen wat we kunnen.
Laat ons bidden…

Laten we bidden om gastvrijheid in ons denken
voor hen die anders zijn dan wij,
dat we elkaar goed leren doen.
Laat ons bidden…

Laten we bidden om gastvrijheid in ons hart,
om tijd en stille eerbied voor God,
om aandacht voor mensen
in wie Hij ons aankijkt en aanspreekt.
Laat ons bidden…

Laten we bidden voor hen die op reis zijn
en voor hen die in deze vakantietijd dierbaren om zich heen missen.
Voor allen die ziek zijn.
Voor onze dierbare overledenen…

Laat ons bidden…

In een moment van stilte bidden we voor onze eigen intenties.

God, Vader, luister naar wat we U vragen
voor anderen en voor onszelf.
Geef dat al ons bidden en werken
gericht blijft op uw Koninkrijk;
dan zal uw Rijk in stilte groeien
vandaag en alle dagen tot in eeuwigheid.
Amen.


VIJFTIENDE ZONDAG DOOR HET JAAR 13 en 14 juli 2019

EERSTE LEZING Deut., 30, 10- 14

Uit het boek Deuteronomium

In die dagen sprak Mozes tot het volk: “Als gij de stem van de Heer uw God hoort, dan moet ge Hem gehoorzamen en alle geboden en voorschriften onderhouden, die in dit wetboek staan opgetekend; dan moet gij met heel uw hart en heel uw ziel terugkeren tot de Heer uw God. De geboden die ik u heden geef zijn niet te zwaar voor u en zij liggen niet buiten uw bereik. Zij zijn niet in de hemel en gij hoeft niet te zeggen: Wie zal naar de hemel opvaren om ze voor ons te halen en ze ons te laten horen, zodat wij ze kunnen volbrengen? Ze zijn niet overzee en ge hoeft niet te zeggen: Wie zal de zee overvaren om ze voor ons te halen en ze ons te laten horen, zodat wij ze kunnen volbrengen? Neen, het woord is dicht bij u, in uw mond en in uw hart. Gij kunt het dus volbrengen.” Zo spreekt de Heer.

TWEEDE LEZING Kol., 1, 15-20

Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Kolosse

Broeders en zusters, Christus Jezus is het beeld van de onzichtbare God, de eerstgeborene van heel de schepping. Want in Hem is alles geschapen in de hemelen en op de aarde, het zichtbare en het onzichtbare, tronen en hoogheden, heerschappijen en machten. Het heelal is geschapen door Hem en voor Hem. Hij bestaat voor alles en alles bestaat in Hem. Hij is ook het hoofd van het lichaam dat de kerk is. Hij is de oorsprong, de eerste die van de dood is opgestaan om in alles de hoogste te zijn, Hij alleen. Want in Hem heeft God willen wonen in heel zijn volheid om door Hem het heelal met zich te verzoenen en vrede te stichten door het bloed, aan het kruis vergoten om alles in de hemel en op aarde te verzoenen, door Hem alleen. Zo spreekt de Heer.

EVANGELIE Lc., 10, 25-37

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas
In die tijd trad een wetgeleerde naar voren om Jezus op de proef te stellen. Hij zeide: “Meester wat moet ik doen om het eeuwig leven te verwer¬ven?” Jezus sprak tot hem: “Wat staat er geschreven in de wet? Wat leest ge daar?” Hij gaf ten antwoord: “Gij zult de Heer uw God beminnen met geheel uw hart en met geheel uw ziel, met al uw krachten en geheel uw verstand; en uw naaste gelijk uzelf.” Jezus zei: “Uw antwoord is juist, doe dat en ge zult leven. Maar omdat hij zijn vraag wilde verantwoorden, sprak hij tot Jezus: “En wie is mijn naaste?” Nu nam Jezus weer het woord en zei: “Eens viel iemand, die op weg was van Jeruzalem naar Jericho, in handen van rovers. Ze plunderden en mishandelden hem en toen ze aftrokken, lieten ze hem half dood liggen. Bij toeval kwam er juist een priester langs die weg; hij zag hem wel maar liep in een boog om hem heen. Zo deed ook een leviet: hij kwam daar langs, zag hem, maar liep in een boog om hem heen. Toen kwam een Samaritaan die op reis was, bij hem; hij zag hem en kreeg medelijden; hij trad op hem toe, goot olie en wijn op zijn wonden en verbond ze; daarna tilde hij hem op zijn eigen rijdier, bracht hem naar een herberg en zorgde voor hem. “De volgende morgen haalde hij twee denariën te voor¬schijn, gaf ze aan de waard en zei: “Zorg voor hem en wat ge meer mocht besteden, zal ik u bij mijn terugkomst vergoeden.” “ Wie van deze drie lijkt u de naaste te zijn van de man die in handen van de rovers gevallen is?” Hij antwoordde: “Die hem barmhartigheid betoond heeft.” En Jezus sprak: “Ga dan en doet gij evenzo.”
Zo spreekt de Heer.

VOORBEDE

Heer Jezus Christus,
U leerde ons barmhartig te zijn zoals de hemelse Vader.
Door uw leven en verrijzenis zien wij de goedheid van God.
In dat vertrouwen durven wij bidden…

Voor de Kerk,
dat zij ook in deze tijd mensen opwekt tot barmhartigheid
zoals onze hemelse Vader barmhartig is.
Laat ons bidden…

Voor allen die hun leven in dienst van God en de naaste hebben gesteld.
Om bezieling in hun bidden
en om ware barmhartigheid in hun werken.
Laat ons bidden…

Voor artsen, verpleegkundigen, thuiszorgers en mantelzorgers
of wie op welke wijze ook de zieken helpen en nabij zijn.
Dat zij gezegend moge zijn in hun werken van barmhartigheid.
Laat ons bidden…

Voor allen die ons gebed hebben gevraagd.
Voor onze dierbare overledenen, met name voor
Misintenties…

In stilte bidden we voor onze persoonlijke intenties…

Pr: Heer Jezus Christus,
U bent het gezicht van de onzichtbare God
wiens almacht zichtbaar wordt in vergeving en barmhartigheid.
Geef dat uw Kerk uw gelaat weerspiegelt in deze wereld
en dat wij in U, verrezen Heer,
het gezicht van de Onzichtbare God mogen herkennen.