Schriftlezingen van de zondag

Tweede zondag door het jaar 19 en 20 januari 2019

Eerste Lezing: Jesaja 62, 1-5

Omwille van Sion mag ik niet zwijgen, terwille van Jeruzalem mij niet stilhouden. Want als de zon zal haar gerechtigheid stralen, haar heil branden als een fakkel. De volkeren zullen uw gerechtigheid aanschouwen, alle koningen uw glorie zien en men zal u een nieuwe naam geven, een naam door de Heer bedacht. In de hand van de Heer zult gij een flonkerende kroon zijn, in de hand van uw God een koninklijke diadeem. Gij zult niet meer heten: “de Verlatene”, uw land niet meer: “Woestenij”; maar gij zult heten: “Mijn Welbehagen”, uw land: “Gehuwde”; Want in u heeft de Heer zijn behagen gesteld en uw land wordt Hem ten huwelijk gegeven. Zoals een jongen zijn meisje trouwt, zal Hij die u opbouwt, u trouwen; en zoals een bruidegom zich verheugt in zijn bruid zal uw God zich verheugen in u.

Tweede Lezing: 1 Korinthe 12, 4-11

Er zijn verschillende gaven, maar slechts één Geest. Er zijn vele vormen van dienstverlening, maar slechts één Heer. Er zijn allerlei soorten werk, maar er is slechts één God, die alles in allen tot stand brengt. Maar aan ieder van ons wordt de openbaring van de Geest meegedeeld tot welzijn van allen. Aan de een wordt door de Geest een woord van wijsheid gegeven, aan een ander een woord van kennis krachtens dezelfde Geest, aan een derde door dezelfde Geest het geloof. Aan weer anderen schenkt de ene Geest gaven om ziekten te genezen, om wonderen te doen, de gave van profetie, de onderscheiding van geesten, velerlei taal of de vertolking ervan. Maar alles is het werk van een en dezelfde Geest, die aan ieder zijn gaven uitdeelt zoals Hij het wil.

Evangelie: Johannes 2, 1-12

In die tijd was er een bruiloft te Kana in Galilea, waarbij de moeder van Jezus aanwezig was. Jezus en zijn leerlingen waren eveneens op die bruiloft uitgenodigd. Toen de wijn opraakte zei de moeder van Jezus tot Hem: “Ze hebben geen wijn meer.” Jezus zei tot haar: “Vrouw, is dat soms uw zaak? Nog is mijn uur niet gekomen.” Zijn moeder sprak tot de bedienden: “Doet maar wat Hij u zeggen zal.” Nu stonden daar volgens het reinigingsgebruik der Joden zes stenen kruiken, elk met een inhoud van ongeveer honderd liter. Jezus zei hun: “Doet die kruiken vol water.” Zij vulden ze tot bovenaan toe. Daarop zei Hij hun: “Schept er nu wat uit en brengt dat aan de tafelmeester.” Dat deden ze. De tafelmeester proefde van het water dat in wijn veranderd was. Hij wist niet waar die wijn vandaan kwam, maar de bedienden, die het water geschept hadden, wisten het wel. Zodra hij geproefd had, riep hij de bruidegom en zei hem: “Iedereen zet eerst de goede wijn voor en wanneer men eenmaal
goed gedronken heeft de mindere. U hebt de goede wijn tot nu toe bewaard.” Zo maakte Jezus te Kana in Galilea een begin met de tekenen en openbaarde zijn heerlijkheid. En zijn leerlingen geloofden in Hem. Daarna daalde Hij af naar Kafarnaüm, Hijzelf en zijn moeder, de broeders en zijn leerlingen; maar zij bleven daar slechts enkele dagen.

Voorbede

Leggen wij op voorspraak van de Moeder van de Heer
vol vertrouwen onze gebeden voor aan God.

Bidden wij voor de Kerk,
voor alle christenen:
dat zij blijven getuigen van de vreugde van hun geloof;
dat zij groeien in eenheid tot welzijn van allen.
Laat ons bidden…

Bidden wij voor de leiders van alle landen;
dat zij met wijsheid leiding geven,
dat zij oog hebben voor het welzijn van allen
en dat zij die bevorderen voor alle mensen.
Laat ons bidden…

Bidden we voor alle jongeren
die nu verzameld zijn in Panama
voor de Wereldjongerendagen;
dat zij mogen ontdekken
welke gave de Geest hen heeft gegeven
tot opbouw van Kerk en wereld.
Laat ons bidden…

Bidden we voor alle gehuwden;
dat zij elke dag in elkaar Gods liefde mogen zien;
dat zij samen een teken van Gods liefde
in Kerk en wereld zijn.
Laat ons bidden…

Misintenties…

Gebed in stilte…

Goede Vader,
U bent met ons door Christus een verbond aangegaan.
Door de Geest hebt Gij ons rijkelijk met gaven vervuld.
Wij bidden U:
laat ons door die gaven bijdragen aan de opbouw van elkaar,
uw Kerk en aan het welzijn van allen.
Wij vragen het U door Christus, onze Heer.
Amen.


FEEST VAN DE DOOP VAN DE HEER 12 en 13 JANUARI 2019

Eerste lezing

Uit de Profeet Jesaja Jes., 40, 1-5, 9-11

Troost, troost toch mijn Stad, – zegt uw God -, Spreek Jeruzalem moed in. Roep haar toe dat haar straftijd voorbij is, dat haar ongerechtigheid vergeven is, dat zij van Gods hand haar zonden dubbel betaald heeft gekregen. Een stem roept: “Baan de Heer een weg in de steppe, effen voor onze God een heerbaan in de woestijn, elk dal moet gevuld, elke berg en heuvel geslecht worden, alle oneffenheden moeten vlak, de rotsmassa’s een vallei worden. En verschijnen zal de glorie des Heren en alle vlees zal daarvan getuige zijn: De mond des Heren heeft het gezegd!” Beklim de hoogste berg, gij Sion, vreugdebode, Verhef krachtig uw stem, Jeruzalem, vreugdegezant: Verkondig het luide, ken geen vrees, Roep tot de steden van Juda: “Uw God is op komst! Zie, God de Heer komt met kracht, Zijn arm voert de heerschappij; Zijn loon komt met Hem mee, Zijn beloning gaat voor Hem uit. Als een herder zal Hij zijn schapen weiden, in zijn armen ze samenbrengen, de lammeren dragen tegen zijn boezem, de schapen met zachte hand geleiden.” Zo spreekt de Heer.

Tweede Lezing Tit., 2, 11-14; 3,4-7

Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan Titus

Dierbare, De genade van God, bron van heil voor alle mensen, is op aarde verschenen. Zij leert ons goddeloosheid en wereldse begeerten te verzaken en bezonnen, rechtvaardig en vroom te leven in deze tijd, terwijl wij uitzien naar de zalige vervulling van onze hoop, de openbaring van de heerlijkheid van onze grote God en Heiland Christus Jezus. Hij heeft zichzelf voor ons gegeven om ons van alle ongerechtigheid te verlossen en ons te maken tot zijn eigen volk, gereinigd van zonde, vol ijver voor alle goeds. De goedheid en mensenliefde van God onze Heiland is op aarde verschenen, en Hij heeft ons gered, niet omdat wij iets goeds gedaan zouden hebben maar alleen omdat Hij barmhartig is. Hij heeft ons gered door het bad van wedergeboorte en vernieuwing door de heilige Geest. Want Hij heeft de Geest overvloedig over ons uitgestort door Christus onze Heiland. Zo zijn wij door zijn genade gerechtvaardigd en erfgenamen geworden van het eeuwige leven waar onze hoop op gericht is. Zo spreekt de Heer.

Evangelie Lc., 3, 15-16. 21-22

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas

In die tijd toen het volk vol verwachting was en iedereen zich aangaande Johannes de vraag stelde of hij niet de Messias zou zijn, gaf Johannes aan allen het antwoord: “Ik doop u met water, maar er komt iemand die sterker is dan ik; ik ben niet waardig de riem van zijn sandalen los te maken. Hij zal u dopen met de heilige Geest en met vuur.” Terwijl al het volk zich liet dopen, en Jezus na zijn doop in gebed was, geschiede het dat de hemel openging, en dat de heilige Geest, in lichamelijke gedaante als Jen duif, over Hem neerdaalde, en dat een stem uit de hemel sprak: “Gij zijt mijn Zoon, de welbeminde, in U heb Ik mijn behagen gesteld.” Zo spreekt de Heer.

Voorbede

Bij God bestaat geen aanzien van persoon.
In dat vertrouwen mogen we één van hart tot Hem bidden.

Voor alle gedoopten:
dat zij de herinnering aan hun doopsel levend houden en in
de kracht van Gods Geest
hun taak in Kerk en wereld mogen voortzetten.
Laat ons bidden…

Voor alle mensen die het geloof van hun doopsel niet in vrijheid kunnen beleven.
Wij bidden bijzonder voor onze medechristenen die en om hun geloof vervolgd worden.
Laat onder alle volkeren blijvende vrede en eenheid heersen en vrijheid van godsdienst.
Laat ons bidden…

Voor alle ouders
die binnenkort hun kinderen laten dopen;
dat zij hun kinderen blijven voorgaan op de weg van het geloof.
Laat ons bidden…

Laten wij op dit feest van de doop van de Heer ook bidden voor hen
die niet in Christus geloven: dat de heilige Geest hen met zijn licht vervult
en zij met een oprecht hart ingaan op wat goed is, en eenmaal bij Gods Zoon uitkomen.
Laat ons bidden…

Misintenties…

Gebed in stilte…

Heer, ons doopsel maakt ons tot leerlingen van uw Zoon Jezus Christus.
Help ons de weg te gaan die Hij is gegaan. Kom ons te hulp met uw kracht en uw Geest. Leer ons te leven als hoopvolle mensen in dienst van het evangelie.
Door Christus onze Heer.