Schriftlezingen van de zondag

VIJFENTWINTIGSTE ZONDAG DOOR HET JAAR 21 en 22 SEPTEMBER 2019

Bij de startvieringen om 9.30 uur in de Martinuskerk en om 11 uur in Breugel zijn aangepaste voorbeden.

EERSTE LEZING Am., 8, 4-7

Uit de Profeet Amos

Hoort toe, gij die de armen verdrukt en de mis¬deelden in het land verdelgt, gij die redeneert: wan¬neer is de nieuwe maan voorbij? dan kunnen we ons koren verkopen! En wanneer de Sabbat? dan kunnen we ons graan uitstallen. Dan verkleinen wij de korenmaat, dan verhogen wij de prijs en bedriegen wij met een vervalste weegschaal. Dan kopen wij de kleine man voor geld, de arme voor een paar schoenen, en verhandelen wij zelfs de afval van ons koren. De Heer heeft gezwo¬ren bij de heerlijkheid van Jakob: Geen van hun daden zal Ik ooit vergeten!
Zo spreekt de Heer.

TWEEDE LEZING 1 Tim., 2, 1-8

Uit de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan Timotheüs

Dierbare, Voor alles vraag ik u gebeden, smekingen, voorbeden en dankzeggingen te verrichten voor alle mensen, voor koningen en alle hooggeplaatsten opdat wij ongestoord en rustig een in alle opzichten godvruchtig en waardig leven kunnen leiden. Dit is goed en welgevallig in het oog van God, onze Heiland die wil dat alle mensen gered worden en tot de kennis van de waarheid komen. Want God is één, één is ook de middelaar tussen God en de mensen, de mens Christus Jezus die zichzelf gegeven heeft als losprijs voor allen: op de vastgestelde tijd legde Hij zijn getuigenis af. En ik ben hiervan aangesteld als heraut en apostel – ik spreek de waarheid, ik lieg niet – om de volken te onderrichten in het ware geloof. Ik wil dus dat op elke plaats waar de gemeente samenkomt om te bidden de mannen hun handen opheffen in een geest van gods¬vrucht, die haat en ruzie uitsluit.
Zo spreekt de Heer.

EVANGELIE Lc., 16, 1-13

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas

In die tijd sprak Jezus tot zijn leerlingen: “Er was eens een rijk man. Hij had een rentmeester die bij hem werd aangeklaagd omdat hij zijn bezit verkwistte. Hij riep hem dus en vroeg: Wat hoor ik daar van u? Geef rekenschap van uw beheer, want gij kunt niet langer rentmeester blijven. Toen redeneerde de rentmeester bij zichzelf: Wat zal ik doen nu mijn heer mij het rentmeesterschap afneemt? Spitten kan ik niet, en bedelen: daarvoor schaam ik mij. Ik weet al wat ik ga doen opdat ik na mijn ontslag als rentmeester onderdak vind. Hij ontbood de schuldenaars van zijn heer, één voor één, en zei tot de eerste: Hoeveel zijt ge aan mijn meester schuldig? Deze antwoordde: Honderd vaten olie. Maar hij zei: Hier hebt ge uw schuldbekentenis; ga gauw zitten en schrijf: vijftig. Daarop vroeg hij nog aan een tweede: En hoeveel zijt gij schuldig? Deze antwoordde: Honderd maten tarwe. Hij zei hem: Hier hebt ge uw schuldbekentenis; schrijf: tachtig. De heer prees het in de onrechtvaardige rentmeester dat hij met overleg had gehandeld, want de kinderen van deze wereld handelen onderling met meer overleg dan de kinderen van het licht. Zo zeg Ik u ook: Maakt u vrienden door middel van de onrechtvaardige mammon, opdat zij – wanneer die u komt te ontvallen – u in de eeuwige tenten opnemen. Wie betrouwbaar is in het kleinste is ook betrouwbaar in het grote; en wie onrechtvaardig is in het kleinste is ook onrechtvaardig in het grote. Zijt ge dus niet betrouwbaar geweest met betrekking tot de onrechtvaardige mammon, wie zal u dan het waarachtige goed toevertrouwen? Als ge niet betrouwbaar zijt geweest in het beheren van andermans goed, wie zal u dan geven wat gij het uwe kunt noemen? Geen knecht kan twee heren dienen, want hij zal dan de een haten en de ander liefhebben, ofwel de een aanhangen en de ander verachten. Gij kunt niet God dienen en de mammon.”

VOORBEDE

Laten wij in onze voorbede bidden
tot God onze Vader.

Bidden wij voor alle christenen:
dat we ons inzetten voor gerechtigheid en vrede,
voor welvaart en welzijn voor de armen in onze wereld.
Dat onze inzet de vrede dichterbij brengt.
Laat ons bidden…

Bidden wij voor hen die leiding geven,
dat ze oog hebben voor allen
die aan hun zorg zijn toevertrouwd,
dat ze met overleg en liefde te werk gaan.
Laat ons bidden…

Laat ons bidden voor onze zieken;
voor de kinderen die zich gaan voorbereiden
op hun eerste communie of het vormsel;
en voor allen die rekenen op ons gebed.
Laat ons bidden…

Misintenties…

Bidden we een moment in stilte voor wat er leeft in ons eigen hart

God, Vader, luister naar onze gebed.
Schenk uw Geest van eenheid en verbondenheid
opdat allen mogen leven in uw liefde.
Door Christus onze Heer.


VIERENTWINTIGSTE ZONDAG DOOR HET JAAR 14 en 15 SEPTEMBER 2019
75 jaar bevrijding

EERSTE LEZING Ex., 32, 7-11. 13-14

Uit het boek Exodus

In die dagen sprak de Heer tot Mozes: “Ga nu naar beneden, want het volk dat ge uit Egypte hebt geleid, is tot zonde vervallen. Zij zijn nu al afgeweken van de weg die Ik hun had voorgeschreven; ze hebben een stierenbeeld gemaakt, ze buigen zich daarvoor neer, ze dragen er offers voor op en schreeuwen: Israël, dit is de god die u uit Egypte heeft geleid.” Ook sprak de Heer tot Mozes: “Ik zie nu hoe halsstarrig dit volk is. Laat Mij begaan; dan kan Ik hen in mijn brandende toorn vernietigen. Maar van u zal Ik een groot volk maken.” Mozes trachtte de Heer, zijn God, gunstig te stemmen en vroeg: “Waarom Heer, uw toorn laten woeden tegen het volk dat Gij met grote kracht en sterke hand uit Egypte hebt geleid ? Denk aan uw dienaren Abraham, Isaak en Israël, aan wie Gij onder ede beloofd hebt: Ik zal uw nageslacht talrijk maken als de sterren aan de hemel, en heel het land waarover Ik heb gesproken zal Ik uw nakomelingen voor altijd in bezit geven. Het zal voor eeuwig hun erfdeel zijn.” Toen zag de Heer af van het onheil waarmee Hij zijn volk had bedreigd.
Zo spreekt de Heer.

TWEEDE LEZING 1 Tim., 1, 12-17

Uit de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan Timoteüs

Dierbare, Ik zeg dank aan Hem die mij sterkt, aan Christus Jezus onze Heer, dat Hij mij zijn vertrouwen heeft geschonken door mij in zijn dienst te nemen, hoewel ik eertijds een godslasteraar was, een vervolger en geweldenaar. Maar mij is barmhartigheid bewezen omdat ik, nog ongelovig, handelde in onwetendheid. En ik werd in rijke overvloed de genade van onze Heer deelachtig en daarmee het geloof en de liefde die in Christus Jezus zijn. Dit woord is betrouwbaar en volkomen geloofwaardig: “Christus Jezus is in de wereld gekomen om zondaars te redden.” En de eerste van hen ben ik. Daarom juist is mij barmhartigheid bewezen: Jezus Christus wilde heel zijn lankmoedigheid bewijzen, aan mij als eerste, als een model voor allen die in de toekomst op Hem zouden vertrouwen en eeuwig leven winnen. Aan de Koning der eeuwen, aan de onvergankelijke, onzichtbare, enige God zij eer en roem in de eeuwen der eeuwen! Amen.
Zo spreekt de Heer.

EVANGELIE Lc., 15, 1-32 of 1-10

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas

In die tijd kwamen tollenaars en zondaars van allerlei slag bij Jezus om naar Hem te luisteren. De Farizeeën en de schriftgeleerden morden daarover en zeiden: “Die man ontvangt zondaars en eet met hen.” Hij hield hun deze gelijkenis voor: “Wanneer iemand onder u honderd schapen heeft en er één verliest, laat hij dan niet de negenennegentig in de wildernis achter om op zoek te gaan naar het verlorene totdat hij het vindt? En als hij het vindt legt hij het vol vreugde op zijn schouders en hij gaat naar huis, roept zijn vrienden en buren bij elkaar en zegt hun: Deelt in mijn vreugde, want mijn schaap dat verloren was geraakt heb ik gevonden. Ik zeg u: zo zal er in de hemel meer vreugde zijn over één zondaar die zich bekeert, dan over negenennegentig rechtvaardigen die geen bekering nodig hebben. Of welke vrouw die tien zilverstukken bezit en er één verliest, steekt niet een lamp aan, veegt niet het huis en zoekt niet zorgvuldig totdat ze het vindt? En als ze het gevonden heeft roept ze haar vriendinnen en buurvrouwen bij elkaar en zegt: Deelt in mijn vreugde, want het zilverstuk dat ik had verloren, heb ik gevon¬den. Zo, zeg Ik u, is er vreugde bij de engelen van God over één zondaar die zich bekeert.
Zo spreekt de Heer.

VOORBEDE

Keren we ons vol vertrouwen tot God.

Bidden wij voor alle christenen:
Dat zij elkaar tot zegen zijn.
Dat ze de vrede die van Jezus’ liefde uitgaat
mogen ontdekken.
Laat ons bidden…

Bidden wij voor de leiders van de volkeren.
Dat zij zich inzetten voor een wereld naar Gods bedoeling
en zorg dragen voor het recht en het welzijn
van allen die aan hun zorgen zijn toevertrouwd.
Laat ons bidden…

Bidden voor allen die hun leven hebben gegeven
in de strijd voor onze vrijheid;
en voor allen die zich vandaag de dag inzetten voor een betere wereld.
Dat vrede en gerechtigheid het winnen van oorlog,
terreur en geweld.
Laat ons bidden…

Misintenties…

In een moment van stilte bidden we voor onze eigen intenties

God van vrede,
laat alle mensen delen in de barmhartigheid
die Gij in onze wereld hebt gebracht,
Door Christus onze Heer.